blog

Interview Didy Pijpker

Geschreven door Dia | Nov 5, 2026, 1:00:00 PM

Ontmoet Didy. Geboren in Zutphen, maar na een reis langs verschillende plekken in Nederland nu helemaal thuis in het prachtige Uithuizermeeden. Ze is de trotse oma van vier kleinkinderen en geniet sinds kort van haar pensioen. Maar stilzitten? Dat is niets voor Didy. Tussen het verzorgen van haar Engelse bloementuin en planten in haar kas, haar vrijwilligerswerk bij het lokale deelcafé, lezen en reizen door, volgende ze onlangs een cursus houtbewerking. En alsof dat nog niet genoeg is, zet ze haar expertise in als taalpanellid bij Dia. Tijd om deze creatieve duizendpoot beter te leren kennen.

Didy, hoe ben je bij het taalpanel van Dia terecht gekomen?

“Na zo’n vijftien tot twintig jaar in het onderwijs kwam de vraag: is dit het nu? Ik vond onderwijs altijd heel leuk, maar wilde iets ernaast doen. Op een dag raakte ik met iemand aan de praat over mijn poëzielessen en het maken van lesmateriaal. Ik dacht namelijk dat ik dit wel beter kon dan sommigen die dat doen.

Na een tijdje, toen het gesprek bij mij al was weggezakt, werd ik gebeld met de vraag of ik lesmateriaal wilde ontwikkelen. Daar leerde ik Fros van der Maden kennen, die destijds bij Dia werkte. Via haar ben ik bij Dia terecht gekomen. Eerst maakte ik lesmateriaal voor Diaplus Tekstenlab en sinds eind 2024 ben ik lid van het taalpanel.”

Heb je eigenlijk altijd in het onderwijs gewerkt?

“Ja, ik heb mijn hele leven voor de klas gestaan. Als klein meisje riep ik al dat ik juf wilde worden. Ik begon met lesgeven op een basisschool, maar ik kom uit de tijd dat er heel erg weinig werk was in het basisonderwijs. Iemand uit mijn omgeving opperde toen om het eens in het voortgezet onderwijs te proberen. Dat was in het begin een enorme omschakeling, maar toen ik eenmaal mijn draai had gevonden werd het heel leuk. Ik ben dit met veel plezier blijven doen tot ik met pensioen ging.”

Je geeft aan dat je altijd al juf wilde worden. Wat leek jou er zo leuk aan?

“Dat je iemand iets duidelijk kan maken/uitleggen dat die ander zegt: ‘Ah, nu ik snap het!’. Zelf was ik vroeger op school helemaal niet zo goed in Nederlands. Verhalen en gedichten maken vond ik heel leuk, maar spelling was niet mijn sterkste kant. Tot ik een leraar kreeg die me vertelde: ‘Zo ingewikkeld is het niet. Zo werkt het.’

Daarnaast wil ik leerlingen ook de liefde voor taal bijbrengen. Je kunt namelijk veel meer dan je denkt op taalgebied. Ik vind het geweldig om met leerlingen aan poëzie te werken. Mensen denken vaak dat ze hiervoor veel kennis moeten hebben over taal, maar je kunt er juist je gevoel in kwijt.

Achteraf gezien is het allerleukste het contact maken met leerlingen. Dat is het allerbelangrijkste in het onderwijs: interesse tonen. Je herinnert je later niet die ene docent die zo goed kon uitleggen hoe het zat met de verleden tijd. Je herinnert je de ene docent die jou zag staan als mens. Het ging mij er ook niet zozeer om of leerlingen hoge cijfers halen, je groeit in veel meer opzichten. Ik geloof niet zo in hoger en beter.”

Sinds je pensioen doe je veel uiteenlopende dingen die geen link hebben met taal of het onderwijs, behalve lid zijn van het taalpanel van Dia.

“Ja, dat vind ik heel leuk omdat je dan echt iets anders doet met je hersenen. En ik vind het heel leuk omdat je op zo’n andere manier met taal bezig bent dan op school.”

Wat maakt het werken in het taalpanel zo leuk?

“Vooral de combinatie van iets bedenken waarvan je niet had gedacht dat je dat zou kunnen bedenken en samenwerking. Soms heb je een vraag of een serie vragen bedacht waarvan je denkt: zooo, heb ik dat bedacht? En dus ook dat je het samen doet. Vooral de waardering over en weer is prettig. Dat iemand bijvoorbeeld tegen je zegt: ‘Wat heb jij een leuke zinnen bedacht’ of ‘Wat een goede vraag is dit’. En dat je dat andersom bij anderen ook doet. Het zorgt ervoor dat je weer energie krijgt.

Bovendien probeer ik leerlingen iets mee te geven via de vragen. Onlangs maakte ik een vraag over hoofdletters. Toen heb ik de Fryske dúmkes en Groninger koek erin gestopt. Dan probeer ik nog wel een beetje een vraag te maken waarvan ik hoop dat als ze het maken, ze denken: Goh, dat wist ik helemaal niet, dat dúmkes uit Friesland komen.”

Didy, enorm bedankt voor je tijd en dat we je een beetje beter hebben leren kennen.